Medische termen

Veel voorkomende medische termen uitgelegd

Waarom staan er medische termen in je patiëntendossier ? 

In elke beroepsgroep is het belangrijk dat de termen die er gebruikt worden door iedere professional die tot die groep behoort, op dezelfde manier worden gebruikt en begrepen. Dat is bij ons niet anders. Je dossier staat vol met medische termen omdat we op die manier als professionals goed met elkaar kunnen communiceren.

Wat wij echter ook heel belangrijk vinden is dat je begrijpt waar we het over hebben als we bijvoorbeeld met je bespreken wat de oorzaak is van je klachten. We zullen af en toe een term gebruiken die het best uitlegt wat we je willen vertellen. En die zullen we natuurlijk mondeling toelichten. 

Mocht je thuis toch nog even willen nalezen wat we met een bepaalde term bedoelen dan hebben we er hieronder een aantal voor je op een rijtje gezet. Heb je dan toch nog vragen, laat het ons dan weten. Onderaan vind je een knop waarmee je een mailtje kunt sturen. We zijn er tenslotte voor joù!


 •    Amalgaam: een vulmiddel voor een gaatje (een mengsel van metalen: zilver, tin en kwik). Wordt tegenwoordig zelden nog gebruikt. Maar wel nog vaak verwijderd als “oude” vulling


 •    Brug: een vervanging van één of meer ontbrekende tanden of kiezen. Een brug wordt vastgemaakt aan één of twee aangrenzende natuurlijke tanden of kiezen, die daarvoor een kroon zullen krijgen. Daartussen komen ter vervanging van de ontbrekende elementen één of meer kunsttanden of -kiezen)

 •    Bruxisme: tandenknarsen en/of klemmen van de kaken


 •    Cariës: gaatjes in tand of kies

 •    Caviteit: één gaatje in een tand of kies

 •    Composiet: een vullingsmateriaal van kunststof dat gebruikt wordt voor het maken van witte vullingen en om tanden en kiezen te repareren  


 •    Dentine: tandbeen


 •    Endodontologie: het vakgebied dat zich bezig houdt met klachten binnen in de tanden/kiezen en onder de tanden/kiezen. De klachten ontstaan meestal door een ontsteking van de pulpa en wordt pulpitis genoemd en gaan later over in een ontsteking onder de wortels . De tandarts-endodontologie kan deze ontsteking verwijderen, het gebied schoonmaken en daarna weer opvullen

 •    Endo: wortelkanaalbehandeling

 •    Etsen: het behandelen van tand of kies met een zure vloeistof waardoor vullingen van composiet goed vastzitten

 •    Extractie: het verwijderen van een tand of kies


 •    Facing: een plat stukje kunststof of glaskeramiek in de vorm van de tand die op de te behandelen tand wordt vastgemaakt. Hiermee kan de vorm of de kleur van een tand worden veranderd

 •    Fissuur: een natuurlijk voorkomende groef, meestal op het kauwvlak van een kies

 •   Flapoperatie:  het weghalen van ontstoken weefsel onder het tandvlees. Dit gebeurt uiteraard met  verdoving. Soms kan parodontitis niet genezen omdat de pockets erg diep zijn of moeilijk te bereiken. Het uiteindelijke doel van een flapoperatie is het verkleinen van de diepte van de pockets. 

 •    Fluoride: een vloeistof die tanden en kiezen beschermt tegen cariës. Het maakt tanden en kiezen harder en beschermt onder andere tegen zuren

 •    Fluorose: witte vlekjes op tanden of kiezen door een te hoge dosering fluoride


 •    Gebitselementen: tanden en kiezen

 •    Gingiva: tandvlees

 •    Gingivitis: ontstoken tandvlees

 •    Glazuur: buitenste laag van het zichtbare deel van een tand of kies

 •    Gnatologie: houdt zich bezig met het functioneren van het kauwstelsel. Een tandarts-gnatholoog is gespecialiseerd in de diagnose en behandeling van problemen met kauwen en pijn aan het kaakgewricht. Gnathologen behandelen onder andere slaapstoornissen, die gerelateerd zijn aan het kauwstelsel zoals tandenknarsen en slaapapneu, klachten aan de kauwspieren en bij gebitsslijtage als gevolg van tandenknarsen. Wij verwijzen voor kaakgewrichtsklachten vaak naar een gespecialiseerde fysiotherapeut


 •    Halitose: niet fris ruikende adem


     Implantaat: Een implantaat is een kunstwortel, die in de kaak wordt geplaatst. De meeste implantaten zien er uit als een soort schroef en zijn gemaakt van titanium. Het implantaat is een sterke basis voor een kroon, brug, of kunstgebit

 •    Implantologie: Een implantoloog vervangt één of meerdere tanden door implantaten. Deze implantaten worden na het plaatsen en wanneer deze vastgegroeid zijn in de kaak, voorzien van een kroon, brug, of een overkappingsprothese. In principe is iedere tandarts of kaakchirurg bevoegd tot het plaatsen van implantaten indien hij hierin bekwaam is

 •    Inlay: een vulling die precies past in een uitsparing in de tand of kies. Dit wordt wel gebruikt als alternatief voor een normale vulling

                  Onlay: is een iets grotere inlay. Een onlay valt deels over de kies heen en is soms een alternatief voor een grotere vulling of een kroon

 •    Interdentaal: tussen de tanden of kiezen


     (Eigen) kroon: het deel van de tanden of kiezen dat buiten het tandvlees uitsteekt. Dat wat je ziet van de tand of kies. We hebben het hier dus over het eigen gebit

    Kroon: een vervanging van een tand of kies door een op maat gemaakte kunstkroon. Deze wordt vastgemaakt op de nog aanwezige wortel of op een implantaat


     Orthodontie: De orthodontist is de tandarts-specialist voor scheve tanden en kiezen. Hij of zij begeleidt de groei en ontwikkeling van kaak en tanden. Vaak zijn het kinderen die onder behandeling zijn bij een orthodontist omdat de behandeling sneller effect heeft tijdens de groei. Maar ook steeds meer volwassenen kloppen bij deze specialist aan


     Parodontitis: ernstige tandvleesontsteking. Het is een tandvlees ontsteking die verder gaat dan gingivitis (ontstoken tandvlees). Uiteindelijk kan het kaakbot erdoor worden aangetast, wat verlies van kiezen en tanden tot gevolg kan hebben

     Parodontium: de weefsels die om een tand of kies liggen en belangrijk zijn voor de bevestiging van tand of kies in de kaak. Een aantal van deze weefsels zijn het tandvlees (gingiva), banden, wortel en kaakbot

 •    Parodontologie: houdt zich bezig met aandoeningen van het parodontium

 •    Pocket: de ruimte tussen het tandvlees en de tand of kies waarin zich tandplak en tandsteen kunnen ophopen. Hoe kleiner de pocket hoe beter

     PPS (Periodieke Parodontale Screening): hiermee krijgt de gezondheid van uw tandvlees op diverse plaatsen in uw gebit een cijfer. Dit cijfer variëert van 1 tot 3 en hoe lager de score hoe beter

 •    Pulpa: het levende binnenste deel van een tand of kies. Dit bestaat uit bindweefsel met bloedvaten en zenuwen. Als dit deel ontstoken raakt heb je een pulpitis. Dat is vaak een reden voor een wortelkanaalbehandeling (zie ook endodontologie)


 •    Rubberdam of cofferdam: rubber lapje waar alleen de te behandelen tand of kies door heen steekt. De rest van de mondholte blijft daarachter. De rubberdam wordt op de te behandelen kies of op een tand of kies ernaast vastgemaakt door middel van een klemmetje.

Een rubberdam kan echter ook gebruikt worden als een soort ring om de lippen te beschermen en opzij te houden


     Scalen: het verwijderen van tandsteen op tanden en kiezen door middel van handinstrumenten of met ultrasone instrumenten

    Sealen: het aanbrengen van een beschermend laagje op een tand of kies, meestal op de groeven (fissuren) van de kauwvlakken. Dit laagje beschermt tegen bacteriën waardoor de kans op gaatjes kleiner wordt


 •   Tanderosie: slijtage van het glazuur. Dit ontstaat onder andere door inwerking van zuren uit bijvoorbeeld frisdranken maar ook door tandenknarsen.

 •   Tandhals: zit tussen de kroon van tand of kies en de tandwortel (hiermee wordt dus de eigen kroon bedoeld)

 •   Tandletsel: gebitsschade ontstaan doordat het gebit een klap heeft gehad door bijvoorbeeld  een val of een verkeersongeluk


 •   Wortelkanaalbehandeling: het verwijderen van de pulpa van een tand of kies, het vervolgens (ver)ruimen van het wortelkanaal en vullen daarvan

 

Bron: Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Tandheelkunde 

Staat het woord dat je zoekt er niet bij?

Stuur ons gerust een mailtje. We zullen je vraag zo snel mogelijk beantwoorden.