Trekken van een tand, kies of wortelrest

De behandeling

De behandeling kan uitgevoerd worden door de tandarts of na een verwijzing, door de kaakchirurg. Na het geven van verdoving wordt de tand of kies met een draaiende of wrikkende beweging los gemaakt, waarna deze uit de kaak getrokken wordt. Meestal wordt de tand of kies er in zijn geheel uitgetrokken. Als de tand of kies erg vast zit, zal hij er in delen worden uitgehaald.

De behandeling zal in de regel ongeveer 20 minuten duren. Maar iedere tand of kies is anders, waardoor de behandeling langer of korter kan duren. Een langer durende behandeling, hoeft dit niet te betekenen dat er meer complicaties optreden.

Is de behandeling pijnlijk en kun je napijn ervaren??

Na het verdoven ervaar je doorgaans geen pijn. Wel kan er druk gevoeld en vreemde geluiden gehoord worden, wat sommigen als vervelend ervaren. 

De verdoving zal nog 2 tot 4 uur nawerken. Pijnklachten daarna zijn normaal. Hiertegen kan een pijnstiller ingenomen worden, bij voorkeur paracetamol. Geadviseerd wordt met de pijnstillers te beginnen ongeveer 1 uur na de ingreep. Lees ook de bijsluiter van de pijnstiller goed. Komt na circa 3 dagen de pijn weer terug dan is er meestal sprake van een ontsteking van de wond (alveolitis). Neem dan contact op met de praktijk voor een kleine vervolgbehandeling.

Worden er medicijnen voorgeschreven?

In een enkel geval wordt, om de kans op infecties zo klein mogelijk te houden, een antibioticakuur voorgeschreven.

   Let op: Het is belangrijk dat de antibioticakuur altijd afmaakt wordt, ook als er geen klachten meer zijn. Bij klachten van overgevoeligheidsverschijnselen zoals jeuk of huiduitslag, neem je contact op met de huisarts of apotheek.

•    Pijnstillers naar behoefte gebruiken. Gebruik bij voorkeur paracetamol en geen aspirine of acetylsalicylzuur-bevattende pijnstillers, want deze kunnen de kans op een nabloeding vergroten.

Doorgeven van medicijngebruik

Vertel altijd aan de tandarts welke medicijnen gebruikt worden en of er iets is veranderd in gezondheid of medicijngebruik.

   Als je van een behandelend arts al Aspirine of acetylsalicylzuurbevattende medicijnen (trombocytenaggregatieremmers) krijgt voorgeschreven, hoeft dit niet te worden gestaakt bij extractie van 1-3 tanden of kiezen.

•   Voor patiënten die bloedverdunnende medicijnen (anticoagulantia) gebruiken is het van belang dat de INR-waarde 24 tot 72 uur voor de ingreep is bepaald en niet hoger is dan 3.5. Is de INR hoger dan 3.5 en mag deze niet naar een lagere waarde worden bijgesteld, dan wordt er verwezen naar een kaakchirurg.

   Bij het trekken van 4 of meer tanden en kiezen en bovenstaande medicatie (aspirine, acetylsalicylzuur bevattende medicijnen, anticoagulantia), is het belangrijk dit vooraf te overleggen met de tandarts. Deze kan besluiten dat er eerst contact opgenomen moet worden met de arts die de medicijnen heeft voorgeschreven. Doorgaans doe je dat zelf met de vraag of de medicatie tijdelijk kan worden aangepast.

  Voor patiënten die (intraveneuze) bisfosfonaten gebruiken, bestaat het risico van afsterving van het kaakbot (osteonecrose). Bisfosfonaten zijn geneesmiddelen voor onder andere de behandeling van botontkalking (osteoporose). Om dit risico te verkleinen is het belangrijk dat extractie goed wordt gepland en voorbereid.

Welke complicaties kunnen zich voordoen?

In de meeste gevallen verloopt het trekken van een tand of kies zonder complicaties, maar de volgende complicaties kunnen soms of juist vaak optreden:

•   Tijdens het trekken kan een deel van de wortel afbreken. De tandarts kan in deze gevallen beslissen deze niet te verwijderen. 

   Het geheel of gedeeltelijk breken van omringend kaakbot bij het trekken.

•   Het ontstaan van een kleine opening van de mondholte naar de neusbijholte (mogelijk bij trekken van een kies in bovenkaak).

•   Beschadiging van een zenuw (mogelijk bij trekken van een kies in onderkaak) als gevolg van de verdoving of van het trekken zelf.

•   Bloeduitstorting of abces.

•   Vertraagde wondgenezing.

   Ontsteking van het deel van het bot waar de wortel zat.

   Zwelling: Een dikke wang, een blauw gele verkleuring en een verminderde mondopening zijn normaal. De zwelling moet na ongeveer een week afnemen.

  Beperkte mondopening: ook een beperkte mondopening komt na een operatieve ingreep vaak voor. Na enige dagen is de mondopening weer normaal.

  Koorts: Koorts kan de eerste dagen optreden. Krijg je plotseling hoge koorts boven 39˚C of blijft de koorts boven 38.5˚C langer dan 3 dagen aanhouden, neem dan contact op met onze praktijk.

  Nabloeding: Gedurende de eerste dagen kunnen bloedstolsels het speeksel rood kleuren, waardoor de indruk kan ontstaan dat er sprake is van een nabloeding. Dit is echter zelden het geval. Bij een nabloeding is er meer bloed dan speeksel in de mond. In dat geval kun je het beste een half uur stevig dichtbijten op een dubbelgevouwen verbandgaas. Stopt de bloeding daarna niet, neem dan contact op met de praktijk.

  Botafbraak: Is er een kies of tand of wortelrest bij je getrokken, hou er dan rekening mee dat op deze plek het kaakbot gaat slinken.

Zeldzame complicaties tijdens of na de behandeling

•   Tijdens het trekken kan een deel van de wortel afbreken. De tandarts kan in deze gevallen beslissen deze niet te verwijderen. 

   Het geheel of gedeeltelijk breken van omringend kaakbot bij het trekken.

•   Het ontstaan van een kleine opening van de mondholte naar de neusbijholte (mogelijk bij trekken van een kies in bovenkaak).

   Beschadiging van een zenuw (mogelijk bij trekken van een kies in onderkaak) als gevolg van de verdoving of van het trekken zelf.

•   Bloeduitstorting of abces.

   Vertraagde wondgenezing.

   Ontsteking van het deel van het bot waar de wortel zat.

Adviezen voor de eerste dagen na de behandeling

•   Voorzichtig zijn: De verdoving zal nog enkele uren aanhouden. Tot de verdoving is uitgewerkt niet eten of drinken. Pas ook op voor het bijten op de gevoelloze lip, tong of wang.

   Eten en drinken: Als de verdoving minder wordt, mag er wat gegeten worden, maar beter geen hard of warm voedsel eten om de wond te ontzien. Na de ingreep mag er wel voorzichtig wat gedronken worden, maar geen warme of alcoholhoudende dranken.

   Mondhygiëne: De wond geneest het beste wanneer het bloed goed kan stollen. Daarom mag er op de dag van de ingreep de mond niet gespoeld worden. Vanaf de tweede dag mag er weer voorzichtig met een zachte tandenborstel worden gepoetst. Als mondspoelmiddel kan er chloorhexidine of licht zout water worden gebruikt, dit is verkrijgbaar bij de drogist. Vanaf de dag na de behandeling kan hiermee na iedere maaltijd de mond worden gespoeld.

•   Roken en alcohol: Beter de eerste 48 uur geen alcohol drinken en het roken zolang mogelijk uitstellen. Beide zijn slecht voor de genezing van de wond.

   Hechtingen: Meestal wordt gehecht met materiaal dat na 1 tot 2 weken vanzelf oplost. Als dat niet het geval is, wordt er een afspraak gemaakt om de hechtingen te laten verwijderen.

•   Lichamelijke inspanning: Voorkom de eerste twee à drie dagen zware lichamelijke inspanning.

Opvullen van ontbrekende tand en of kies: In verband met functie of voor het “gezicht”, kan de ruimte opgevuld worden met een vaste voorziening, zoals een implantaat of brug, of met een uitneembare voorziening, zoals een plaat-prothese of frame-prothese.

Wanneer direct contact opnemen met de praktijk? 

Neem direct contact op met uw praktijk als:

   na de behandeling, hoge koorts boven 39˚C of als de koorts boven 38.5 ˚C langer dan 3 dagen aanhoudt (geringe verhoging na trekken is normaal);

•   na 4 of 5 dagen na de behandeling de pijn en/of zwelling niet afneemt, maar erger wordt;

   de wond na het trekken blijft bloeden, ondanks de reeds genoemde maatregelen;

   het tandvlees om de wond ontsteekt;

•   zwelling of bloeduitstortingen optreden in overige delen van het gezicht.


Wij vinden het belangrijk dat je vragen beantwoord zijn voordat de behandeling plaatsvindt. Mocht je nog vragen hebben, dan kun je altijd contact met ons opnemen. Wil je een mailtje sturen? Dat kan hier.

arrow_drop_up arrow_drop_down